Bijvoorbeeld:
* 'Ze' kunnen een groep vrienden zijn. Wil jij weten welke bordspellen zij spelen? Videogames? Sport?
* 'Ze' kunnen een team van professionele atleten zijn. Wil je weten welke sport zij beoefenen?
* 'Ze' kunnen kinderen zijn. Wil je weten wat voor spelletjes ze op school spelen?
Zodra u mij meer informatie geeft, kan ik u een nauwkeuriger antwoord geven!