Object:
* Een plat, stijf stuk materiaal: Dit is de meest voorkomende betekenis. Een bord kan gemaakt zijn van hout, plastic, metaal, etc. en wordt voor verschillende doeleinden gebruikt, zoals bouwen, vloeren of spelletjes spelen.
* Een vlak oppervlak voor het weergeven van informatie: Denk aan een whiteboard of een messageboard.
* Onderdeel van een grotere structuur: Zoals de planken van een scheepsromp of het geraamte van een gebouw.
Groep:
* Een groep mensen die een organisatie besturen: Zoals een raad van bestuur van een bedrijf of een schoolbestuur.
* Een groep mensen met een gedeelde interesse: Zoals een schaakbord of een surfplank.
Actie:
* Om in of uit een voertuig te stappen: "De passagiers stapten in de trein."
* Om voedsel en onderdak te bieden: 'We hebben de studenten bij ons thuis ondergebracht.'
Anders:
* Een bepaald soort voedsel: Zoals een snijplank of een kaasplank.
Om de specifieke betekenis van 'bord' te begrijpen, moet je rekening houden met de context van de zin of zinsnede.
Bijvoorbeeld:
* "Hij zat op het bestuur en wachtte." (Object:een plat, stijf stuk materiaal)
* "Het bestuur van directeuren bijeen om de financiële status van het bedrijf te bespreken." (Groep:een groep mensen die een organisatie besturen)
* "Ze ingestapt het vliegtuig en nam plaats." (Actie:in een voertuig stappen)
Kunt u mij een voorbeeldzin geven waarin u de betekenis van 'bord' wilt weten? Ik help je erachter te komen!